[ivory-search id="106" title="Custom Search Form"]

Tijdwijsheid in het Calamiteitperk

16 december 2024
Auteur(s): Joris Brenninkmeijer

Met het einde van 2024 in aantocht kunnen we voorzichtig beginnen met terugblikken, evalueren en de balans opmaken. Veel reden tot vrolijkheid is er wat mij betreft niet. Sterker nog, tenzij er ergens de komende dagen de wereldvrede zal worden uitgeroepen, was dit een jaar om snel te vergeten. Week in week uit stapelden de moeilijkheden zich op. Oorlogen, het opwarmende klimaat, toenemende ongelijkheid, onmachtige politici, zogenaamd sterke leiders, desinformatie, wankelende democratieën en, alsof dit alles al niet erg genoeg was, ging dit najaar Blokker failliet. Of het volgend jaar beter wordt, valt helaas ten zeerste te betwijfelen. We lijken definitief te zijn aanbeland in wat Tim Fransen het ‘Calamiteitperk’ doopte.

Waaraan valt in deze onzekere tijd hoop te ontlenen? Opeens herinnerde ik mij, hoe ik een paar jaar geleden materiaal verzamelde voor mijn boek De tijdgids. Steeds weer ontdekte ik interessante, wonderschone en wijze passages die als kleine pareltjes verscholen lagen in de omvangrijke literatuur over tijd. ‘Tijd is ons venster op de wereld’, las ik bij econoom Jeremy Rifkin. Ik merkte dat je, door je te bezinnen op tijd, via een omweg stilstaat bij je eigen manier van kijken. Daarmee is nadenken over tijd ook nadenken over jezelf, je eigen verhouding tot het tempo van deze tijd of tot tijdelijkheid.

Ik pakte mijn aantekeningen van een tijdje terug erbij. Daaruit verzamelde ik zeven tijdwijsheden die mij inspireren, prikkelen tot reflectie en soms enige broodnodige relativering bieden. Hierna zet ik ze op een rij met een korte beschrijving van de bron waaruit ik ze haalde.

Tijdwijsheid 1
(…)’we zullen lijden aan de tijd, in de mate dat we hem niet kunnen leiden en niet in staat zijn ons door hem te laten leiden.’

In Over het verstrijken van de tijd bespreekt filosoof Paul van Tongeren onze moeizame en vluchtige verhouding tot de tijd. Uitgebreid gaat hij in op allerlei pathologische manieren om met tijd om te gaan. Zijn opdracht is duidelijk en niet vrijblijvend: we zullen een vorm moeten vinden om zowel leiding te geven aan de tijd als ons door hem te laten leiden. Glashelder geschreven filosofisch betoog, dat me tot dieper nadenken stemde over de vraag hoe ik zelf door de tijd wil bewegen.

Tijdwijsheid 2
‘Stel nooit uit tot morgen wat je overmorgen kunt doen’ – Mark Twain.

John Perry schreef een vrolijk boekje over uitstellen. Dat heeft vele voordelen, zo meent hij: je krijgt soms de beste invallen onder tijdsdruk en sommige zaken lossen zich vanzelf op als je ze op hun beloop laat. Perry noemt gestructureerd uitstellen een kunst, waardoor je paradoxaal gezien een heleboel voor elkaar krijgt, juist door andere dingen niet te doen. Zijn humorvolle boodschap helpt me er weer even tegen te kunnen, telkens wanneer ik me opwind over het gebrek aan tempo en urgentie om de grote problemen van deze tijd aan te pakken. Dan bedenk ik me: waarom uitstellen tot 2030 als het ook in 2050 kan?

Tijdwijsheid 3
‘Stoppen is vaak het verborgen probleem van veranderen’ – Herman van Gunsteren

Stoppen is, net als beginnen, een belangrijk aspect van ons handelen in de tijd. Denk aan stoppen met roken, het beëindigen van een relatie of het afronden van een adviesopdracht. Van Gunsteren verkent onze moeite met het loslaten van het oude, afscheid nemen en afsluiten, kortweg: ‘stoppen’. Hij doet dat op luchtige toon, wat niet verhindert dat de vragen die hij opwerpt belangrijk en intrigerend zijn. ‘Als stoppen niet lukt, vraagt u dan af waarméé eigenlijk gestopt moet worden.’ En: ‘Om te stoppen hebben mensen rituelen nodig. Ze moeten kunnen putten uit een sociaal repertoire van handelingen die in het maatschappelijk verkeer, zowel voor anderen als voor henzelf, stoppen markeren.’
(Voor een verdere verkenning van dit thema, lees Marije van den Bergs voortreffelijke Stop).

Tijdwijsheid 4
‘Als je denkt niet genoeg tijd te hebben, dan moet je tijd aan anderen besteden’ – Cassie Mogilner (en anderen)

Een mooie tip van Margriet Sitskoorn, die zij ontleent aan een onderzoek van Mogilner en collegae: tijd besteden aan het helpen van anderen heeft een positief effectief op je subjectieve tijdbeleving. Niet alleen krijg je het gevoel dat je nu meer tijd hebt, maar ook dat je dat in de toekomst zult hebben. Voor wie op zoek is naar meer inzicht in de achtergrond van onze eeuwige haast en tijdsdruk heeft Tijd tekort. Tijd genoeg van Sitskoorn veel interessants te bieden. Ik beleefde plezier aan hoe zij een aantal belangrijke elementen ontrafelt die onze tijdbeleving bepalen. En leerde een nieuw woord: precrastinatie. Dat is het voortdurend handelen op het gevoel van interne tijdsdruk. Compact geschreven, informatief en met veel wetenschappelijk onderzoek geïllustreerd.

Tijdwijsheid 5
‘…omdat iets wat in de jeugd gebeurd is, dikwijls het gevolg is van een voorval op latere leeftijd’ – Marten Toonder

‘Sommige zinnen verdienen een boek’, schrijft Douwe Draaisma in Als mijn geheugen me niet bedriegt. Het citaat van Toonder bevat de kern waar het in dit boek om gaat: hoe de tijd ons geheugen beïnvloedt en vice versa. Zo vormt ons verleden ons tot wie we zijn en werkt daarmee door in het heden en de toekomst. Het omgekeerde geldt wonderlijk genoeg ook. Wat ervaringen uit het verleden voor je betekenen, hoe je ze kunt begrijpen of duiden, hangt soms af van wat je pas later in je leven doorgrondt of te weten komt. Dat kan bijvoorbeeld komen door bedrog dat al jaren aan de gang is en dan aan het licht komt. Een moeilijke jeugd bijvoorbeeld, waarvan de diepte pas doordringt op het moment waarop je zelf kinderen krijgt. Het zijn ervaringen waarin de toekomst het verleden in een ander licht zet en daarmee de herinnering verandert. Van de Unabomber, het Rashomoneffect tot de autobiografie: in superieure schrijfstijl bespreekt Draaisma de meest uiteenlopende onderwerpen. Meesterwerk.

Tijdwijsheid 6
‘Je kunt maar op één moment op tijd komen. Ben je er niet, dan ben je of te vroeg of te laat’ – Johan Cruijff

Gevoel voor timing is gevoel voor ritme. In haar boek Ritme onderzoekt Marli Huijer de betekenis van ritmes. Veel in het leven valt te typeren in termen van ritmiek, van het opstaan, aankleden en ontbijten tot auto’s die stoppen op een druk kruispunt voor overstekende voetgangers, van de seizoenen tot de feestdagen. Huijers stelling is dat de klok in de loop van de tijd belangrijker is geworden dan de talloze ritmes die we eeuwenlang met elkaar hebben ontwikkeld en waarmee we individueel en collectief ons op elkaar afstemmen. Ze spreekt verwachtingsvol uit: ‘Wellicht willen toekomstige generaties liever dan de tijd weten wat het ritme is.’

Tijdwijsheid 7
‘We zijn allen eendagsvlinders: dit geldt evenzeer voor degene die zich herinnert als voor datgene wat men zich herinnert’ – Marcus Aurelius

In Eendagsvlinders doet schrijver-psychiater Irvin Yalom verslag van eenmalige gesprekken met cliënten. Hoogtepunt is het meeslepend geschreven verhaal De kromme remedie, waarin Yalom onder toenemende tijdsdruk probeert een raadselachtige gesprekspartner te begrijpen. Net als hij hierin voortgang lijkt te maken, beëindigt de ander het gesprek: ‘Ik ben bang dat onze tijd om is’. Zo is alles in dit verhaal doordrenkt met het gegeven van tijdelijkheid. Yalom maakt voelbaar dat de tijd zijn waarde krijgt, juist doordat hij eindig is.

Zeven tijdwijsheden, ter lering, vermaak en relativering, die alle een net iets ander licht laten schijnen op ‘tijd’. Hopelijk helpen ze je in het omgaan met de onmacht, onrust en onzekerheden van het Calamiteitperk.

Verder lezen?

Marije van den Berg (2021). Stop. Stopstrategie voor organisaties. Thema.

Joris Brenninkmeijer (2023). De tijdgids. Over de wezenlijke rol van tijd in het helpende gesprek. Boom.

Douwe Draaisma (2016). Als mijn geheugen me niet bedriegt. Historische Uitgeverij.

Tim Fransen. (2024). In onze tijd. Leven in het Calamiteitperk. Alfabet.

Herman van Gunsteren (2002). Stoppen. U kunt. U wilt het. U doet het niet. Van Gennep.

Marli Huijer (2015). Ritme. Op zoek naar een terugkerende tijd. Boom.

Cassie Mogilner e.a. (2012). Giving Time Gives You Time. Psychological Science
23(10), 1233–1238.

John Perry (2023). De edele kunst van het uitstellen. Filosofisch zelfhulpboek voor de onverbeterlijke uitsteller. Volt.

Margriet Sitskoorn (2022). Tijd tekort. Tijd genoeg. Ontrafel je strijd met de tijd en leer om tijd genoeg te hebben. Prometheus.

Paul van Tongeren (2002). Over het verstrijken van de tijd. Een kleine ethiek van de tijdservaring. Valkhof Pers.

Irvin Yalom (2015). Eendagsvlinders en andere verhalen uit de psychotherapie. Balans.