[ivory-search id="106" title="Custom Search Form"]

Consultogenese

23 januari 2026
Auteur(s): Leike van Oss

In 1975 muntte Ivan Illich in zijn boek Medical Nemesis het begrip iatrogenese. Iatrogense is het verschijnsel dat de medische wereld, hoewel vol goede bedoelingen, zelf de veroorzaker is van klachten. Hij maakte daarbij een onderscheid naar drie typen iatrogenese:

  • Klinische iatrogenese: schade die ontstaat door medische behandelingen zoals bijwerkingen van medicijnen, operatiefouten of ziekenhuisinfecties.
  • Sociale iatrogenese: schade die omdat institutionalisering van de zorg de autonomie en het zelfherstellend vermogen van mensen ondermijnt. Mensen worden afhankelijk gemaakt van medische professionals.
  • Structurele iatrogense: schade die ontstaat omdat het gezondheidssysteem de samenleving beïnvloedt, door verschijnselen te medicaliseren of medische mogelijkheden tot sociaal recht te bestempelen (je hebt het recht op gezond oud worden. Hoezo oud worden trouwens?)

Alle belangstelling voor het boek ‘The big con’ (Mazzucato) en in het verlengde daarvan in Nederland het toneelstuk Bureau Buitenschot kun je je afvragen of er niet zoiets is als consultogenese: schade die de adviesindustrie toebrengt aan organisaties en de maatschappij. Onbedoeld natuurlijk, net als iatrogenese.

En kan dan het begrip consultogenese ons helpen om verder te komen dan de verontwaardiging die uit bovengenoemd boek en toneelstuk voortkomt. Want bijkomende schade van handelingspraktijken constateren is natuurlijk interessant, maar tegelijk iets om te voorkomen. En dat vraagt vooral om handelen.

In dit blog een eerste poging (met veel dank aan collega’s Joost Kampen en Jaap van ’t Hek waarmee ik op de Ambachtsschooldag van 27 november een eerste verkenning deed over dit onderwerp).

Klinische consultogenese ontstaat als consultants of adviseurs adviezen leveren die niet passen bij organisatie of vraagstuk. Als eigen aanpakken prevaleren boven wat er voor het vraagstuk nodig is. Als economische motieven voorgaan bij de omvang van een traject. De symptomen die we dan zien: niet werkende veranderingen of systemen, verlies van tijd, kosten die niet opwegen tegen het effect, verandercynisme.

Sociale consultogense is het verschijnsel dat organisatie afhankelijk worden van externe consultants óf vice versa consultants die afhankelijk zijn van hun klanten voor hun bestaansrecht. Een soort folie à deux. De schade bij organisaties: niet benutten van interne expertise en een cultuur van outsourcing van verantwoordelijkheid. De schade bij bureaus: gebrek aan autonomie, gebrek aan vernieuwing, je identificeren met je opdrachtgevers in plaats van met je expertise.

Structurele consultogenese is het maatschappelijke patroon dat modellen bepalen wat bijvoorbeeld goed bestuur of innovatie is. Het vermogen van opdrachtgevers is zo verschraald dat het hele denken is uitbesteed. De materiekennis die je nodig hebt om een goed opdrachtgever te zijn is verdampt. Je ziet bijvoorbeeld dat organisaties collectief overgaan op andere besturingsmodellen, omdat die bij collega-organisaties ook zo geïmplementeerd zijn. Alle gemeenten gaan met opgavesturing werken, overal in de zorg wordt Buurtzorgconcepten geïmplementeerd en overal zijn we van verbindend of dienend leiderschap. Concepten die, als je niet oppast, losgezongen raken van hun feitelijke context en wat daarin nodig is. Omdat de consultancyindustrie zo verstrengeld is geraakt met hun opdrachtgevers dat rollen en deskundigheden door elkaar lopen.

Het lastige is dat deze effecten emergent voortkomen uit goede bedoelingen en vakmanschap, uit de interactie tussen organisaties en bureaus in het vinden van oplossingen voor concrete vraagstukken. Er is dus niet zoiets als een schuldige of een verderfelijke oorzaak. Natuurlijk zijn er graaiende adviseurs of laffe opdrachtgevers, maar het meeste komt voort uit oprechte intenties.

En daar zit dan ook precies de oplossing: als we alert blijven op dat ons vakmanschap ook neveneffecten in zich kan hebben, als we ons realiseren dat we die neveneffecten ook kunnen temperen en dempen, als we met onze klanten in staat zijn om die emergente patronen te doorbreken, dan is consultogense een concept dat ons helpt om betere vaklieden te worden. Want ook hier geldt dat het doorbreken van patronen soms meer oplevert, dan erin doorgaan.