[ivory-search id="106" title="Custom Search Form"]

Een steen in de vijver?

18 september 2025
Auteur(s): Jaap van ’t Hek

Ik maak me zorgen over ons vakgebied: Hoe relevant zijn we eigenlijk?
Ken je dat, dat als mensen zich voorstellen als dokter, advocaat of loodgieter dat iedereen dan blij is dat ze bestaan? Dat je je er iets bij kunt voorstellen? Dat het beroep maatschappelijk relevant is?

Wat gebeurt er in het hoofd van je gesprekspartner als je zegt dat je organisatieadviseur bent of een slagje modieuzer en vager ‘consultant’? Ik ben bang dat je dat liever niet wilt weten.
We worden al snel geassocieerd met Zuidasblauwepakken van de Wobkes van deze wereld, met KPMG dat Minister van Justitie Yesilgöz hielp haar wetgevingsdirectie te omzeilen, met de aanklacht “The big con” die Mariana Mazzucato samen met Rosie Collington schreef over de verslaving van organisaties aan de grote consultancies.

En hoe serieus worden we genomen in de media? Als een disfunctionerende organisatie in het nieuws komt, komen er allerlei deskundigen opdraven: juristen, economen, psychologen en af en toe een antropoloog. Die belichten het vraagstuk dan vanuit de koker van hun eigen discipline. Zelden of nooit zie je iemand die vanuit een organisatie- en veranderkundige blik zijn of haar licht laat schijnen op de kwestie. Niet bij Tata, niet bij het functioneren van de IND of de toeslagenaffaire, niet bij ruzie over een Kamervoorzitter. Niet, nooit.

Waar staan we in de wetenschap? Hier en daar verschijnt een interessant artikel, zo nu en dan een boek met een wetenschappelijke ambitie. Maar persoonlijk raak ik er zelden opgewonden van. Oude concepten worden opgewarmd en van een nieuwe metafoor voorzien; het is alsof alsmaar in dezelfde vijver wordt gevist. Of er komen modieuze opvattingen over leiderschap, samenwerking, of de mens in organisaties, op basis van een dun inzicht. De fundamenten waar ons vak op rust zijn decennia geleden gebouwd door mensen als Taylor, Mintzberg, Weick, Argyris, Morgan en Schön. In Nederland De Caluwé en Vermaak. Ik realiseer me dat anderen een ander rijtje zouden maken, maar staat daar ook iets bij dat deze eeuw is uitgekomen? En dat terwijl organisaties enorm veel complexer worden, superafhankelijk van ICT, soms machtiger dan staten, ongrijpbaar voor democratieën.

En wat doen wij?
Mag ik er even een karikatuur van maken?
Laat duidelijk zijn dat de huidige polarisatie zeker niet afkomstig is van ons, wij zijn meer gecharmeerd van stondpunten dan van standpunten. Wij zijn beter in beschouwen dan in oordelen, we zitten liever op de tribune dan dat we op het veld staan. We voelen ons meer thuis bij analyseren dan bij handelen. Wij complimenteren elkaar. Wij gooien geen stenen in vijvers, we streven naar harmonie, we zetten tegengestelde meningen naast elkaar, niet tegenover elkaar.
Wij uiten geen kritiek op vakgenoten, niet op publicaties die oude wijn in nieuwe zakken doen, niet op gepsychologiseer, op modieuze luchtbalonnen of op zelffeliciterende websites en omnipotente beloften. Laat de markt dat maar oplossen, daar gaan wij onze vingers niet aan branden.
Wij falsificeren niet, polemiseren niet, gaan geen debat aan, wijzen elkaar niet op denkfouten. Wij denken dat respect en conflictvermijding bij elkaar horen. Wij zijn een discipline zonder discipline.

Is het gek dat onze omgeving ons niet zo bijster relevant vindt?