Geld speelt geen rol

Een maand geleden stuurt mijn accountant mij een ‘voorschotnota voor verrichte werkzaamheden inzake belastingaangifte 2019’. Ik besteed er niet veel aandacht aan, al denk ik wel: ‘volgens mij heb ik nooit eerder een voorschotnota gekregen voor werk dat je nog niet gedaan hebt’. En ik betaal de rekening. 

Twee weken geleden laat het meisje van het PostNL-punt mij weten dat PostNL de tarieven voor verzending van pakjes naar de VS heeft verdubbeld ‘in verband met de coronacrisis’. Ik zeg dat ik de logica hier niet van inzie. Pakjes hoeven toch geen anderhalve meter afstand te houden? Nee, zij begreep het ook niet, maar er zit niks anders op dan het dubbele tarief te pinnen op het zorgvuldig gedesinfecteerde pinapparaat.

Drie dagen geleden stuurt het opleidingsinstituut waar ik al jaren af en toe iets voor doe mij een mail met de mededeling dat zij, gezien de zeer zware omstandigheden waarin zij nu verkeren, genoodzaakt zijn de tarieven voor onbepaalde tijd met 25% te verlagen. ‘Wij rekenen op uw begrip voor onze situatie, met vriendelijke groet’.

Klanten benaderen mij, nu de omzet tot vrijwel nul is gereduceerd, met talloze vragen met het verzoek daar ‘even’ (een ander woord voor ‘gratis’) naar te kijken. 

En opeens wordt het patroon zichtbaar, het patroon dat Peter Senge in The Fifth Discipline ‘het verschuiven van de last’ noemt: iedereen lijkt over een sneeuwschuiver in zomertijd te beschikken om de last richting de ander te schuiven. De onderliggende spelregel is ‘zorg voor jezelf’ en staat haaks op de nationale slogan in Coronatijd: ‘zorg een beetje voor elkaar’. 

We zitten nu twee maanden in wat onze premier een ‘intelligente lock down’ noemt. Ik weet niet precies hoe hoog het IQ van een lock down kan zijn, maar ik zie ook dingen die met intelligentie weinig te maken hebben. Het virus mag ons dan onontkoombaar op de niet-Coronabestendige neus drukken dat wij allemaal met elkaar verbonden zijn, zo voelt het niet altijd als het over de financiële kant van het verhaal gaat. 

Wanneer wij, zoals nu, in een instabiel systeem verkeren, zoeken we tastend onze weg. En onder dit soort omstandigheden zijn wij vatbaar voor verschillende soorten blindheid. Barry Oshry schreef er al over in zijn boek Seeing Systems (Oshry, 2007). Hij onderscheidt: ‘spatial blindness’ (alleen je eigen stukje van het systeem zien en niet het grotere plaatje), ‘temporal blindness’ (alleen het huidige moment zien), ‘relational blindness’ (de overschatting van jezelf als autonoom handelend individu en de onderschatting van de relationele kant van het verhaal) en ‘process blindness’ (denken in termen van losse gebeurtenissen in plaats van in samenhangende ketens van gebeurtenissen). 

We zijn, aldus Oshry, in deze ‘verschuiven-van-de-last-modus’ niet opmerkzaam op de feedback die vanuit het onzichtbare naar ons terug komt. Om deze treurige stelling te toetsen schreef ik de directeur van het opleidingsinstituut een brief. De strekking van deze brief was deze: Beste directeur, wat had ik het op prijs gesteld als je mij niet had beschouwd als een kostenpost waar je door middel van een enkele mail 25% op kunt bezuinigen, maar als een partner met wie je kunt praten over oplossingen voor problemen. Of, als dat te ingewikkeld was geweest, wat had ik het dan sjiek gevonden als je het cadeau dat je van ons vroeg en kreeg openbaar had willen maken voor jouw klanten. Bijvoorbeeld zo: ‘dank zij onze professionals die bereid zijn wat in te leveren, kunnen wij verder en kunnen wij u zonder kostenverhoging een mooi aanbod doen’. Nu worden wij ZZP-ers anonieme, onvrijwillige schenkers en dat maakt het relatielijntje behoorlijk dun’.

De strekking van het bericht wat ik terug kreeg was deze: ‘Je kunt niet met 1000 mensen in een (zoom)overleg en ik ben goed bezig met wie er nu op mijn netvlies staat’.  Met dank aan Oshry.

En hoe doen wij dat? Gaan wij tarieven verhogen omdat we minder omzet maken, gaan we ze verlagen omdat we geen reistijd en reiskosten meer hebben, gaan we ze gelijk houden omdat we – ook al hebben we geen reistijd – toch hondsmoe worden van al dat gezoom, gaan we differentiëren tussen arme en rijke klanten, gaan we betalingsregelingen treffen…? Op de websites van de beroepsverenigingen voor adviseurs, trainers en coaches is er nog niks over te vinden. Wij doen het een beetje op z’n Bommels, want een heer van stand spreekt niet over geld. Maar als we dan niet over geld willen praten, dan moeten we het misschien wel over de spelregels hebben: gaan we de last verschuiven of gaan we die verdelen en zo ja, hoe dan?